Voedingswaar Actueel,  
 
 


     

GEZONDHEID
Wie of wat moeten wij geloven?

WE ZOUDEN 0 ZO GRAAG DE 100 HALEN, MAAR WE HEBBEN GEEN IDEE HOE. HELAAS WETEN DE DESKUNDIGEN HET OOK NIET. ZE HEBBEN RUZIE.

Hoeveel glazen wijn mogen we drinken? Eten we vlees of toch vis? Hoe zit het met zonnen, met zout, met zweten? De waarheid is dat zelfs de wetenschap het niet meer weet. Het wordt tijd dat al die experts hun toon matigen, niet langer de dominee met het opgeheven vingertje zijn, maar gewoon een adviseur.

door: Simon Rozendaal
Het schijnt dat de meeste mensen zo om het kwartier aan seks denken. Toch is seks in de zoekmachines op internet niet meer nummer een. Rond de eeuwwisseling kwam gezondheid langszij. Wie dat intikt, krijgt meer hits.
Het illustreert het belang dat gezondheid voor de 21ste-eeuwer heeft. De begeerte naar het andere lijf is overvleugeld door de nieuwsgierigheid naar het eigen lijf. De media spelen daar gretig op in. Zo heeft de Volkskrant tegenwoordig een wekelijks katern over gezondheid, loopt het maandblad Men's Health in de hele wereld als een tierelier, komt Elsevier elk jaar met een speciaal gezondheids ABC en scoren gezondheidsprogramma's op televisie hoge kijkcijfers.
Tegelijkertijd was er nooit eerder zoveel verwarring over hoe het nu eigenlijk moet, dat gezonde leven. Onze voorouders hadden wel wat anders te doen dan zich te bekommeren om de vraag of ze al dan niet gezond leefden. Ze werkten zich uit de naad, plantten zich voort als konijnen, aten wat de pot schaftte, tikten tegen hun pet als de dokter langskwam en zagen wel waar het schip strandde.
Wij daarentegen zouden o zo graag gezond 100 worden, maar we hebben geen idee hoe. Ja, op elke hoek van de straat prijst een gezondheidsdeskundige zijn elixers aan, maar daar hebben we vrij weinig aan. Ze spreken elkaar immers allemaal tegen.
Neem de column die de bioloog Ronald Plasterk, misschien wel Nederlands meest gezaghebbende algeheel deskundige, enkele maanden geleden in de Volkskrant schreef.
Daarin stelde hij, na ook enkele deskundiger deskundigen te hebben geraadpleegd, dat het gezond is om geen alcohol te drinken. 'Zelfs als er een gunstig effect is van matig drinken, dan is het klein.'
Tegenover dat standpunt kun je de Scientific American zetten, misschien wel 's werelds meest gezaghebbende wetenschapsblad, waarin de Amerikaanse deskundige Arthur L. Klatsky vorig jaar juni stelde dat inmiddels vaststaat dat het drinken van alcohol gezond is. Hij haalde een andere deskundige aan, die over dat positieve gezondheidseffect schreef: 'Weinig andere associaties worden zo duidelijk beschreven in de medische literatuur, los van verschillende bevolkingsgroepen, verschillende blootstellingen en inconsistente controlegroepen.'
Wie moeten wij, naar een lang en gezond leven strevende stervelingen, nu geloven en volgen? Nederlands meest gezaghebbende wetenschapper of 's werelds meest gezaghebbende wetenschapsblad? Nemen we een glas water of een neut? En zo ja, hoeveel?
Het is met gezondheid als met het heelal. Zoals Jules Deelder dichtte: 'Hoe verder men keek, hoe groter het leek.' Naarmate we meer over gezondheid aan de weet komen, lijken we er minder van af te weten.

Zonnen
Toch is de vraag of alcohol gezond is nog een van de simpelste. Het is overzichtelijk. Enerzijds hebben we het menselijk lichaam, anderzijds de chemische stof ethanol, in de volksmond 'alcohol' genoemd. Dat is alles. Maar dan wordt het ingewikkeld. Enerzijds staat vast dat veel drinken ongezond is. Het verwoest de lever en het leven. Het is verslavend, het leidt tot verkeersongelukken, mishandeling binnen relaties, het veroorzaakt plichtsverzuim, het draagt bij aan het ontstaan van kanker. Kortom, kommer en kwel.
Daar staat tegenover dat alcohol een smeermiddel is voor de bloedvaten. Het is ook een sociaal smeermiddel: mensen worden er vrolijker en socialer van. Geef een muurbloempje dan wel een nerd twee borrels en opeens zijn ze in staat om een conversatie gaande te houden dan wel de ander het hof te maken.
Het zijn twee tegengestelde krachten, een negatieve en een positieve. Puur rekenkundig valt daar natuurlijk makkelijk uit te komen. De enige vraag is of het positieve effect groter is dan het negatieve of andersom.
Welnu, dat ligt er aan bij wie je te rade gaat. Cardiologen vinden het positieve effect (dat hun eigen vakgebied betreft) groter, verkeerskundigen het negatieve effect.
Wat voor alcohol opgaat, geldt voor bijna het hele gezondheidsgamma. Tegenover iedere expert die tegen zonlicht waarschuwt, staat iemand die de lof van zonnen bezingt. Wandelen in de natuur? Ja: goed voor lichaam en geest! Nee, niet doen, krijg je de ziekte van Lyme door! Melk? Doen, goed voor de botten! Nee, niet doen, slecht voor het hart en de darmen! Vitaminepillen? Nergens voor nodig, eet gevarieerd! Doen, geen mens eet zoveel groenten dat hij de vereiste hoeveelheid mineralen en vitaminen binnenkrijgt!
Het zou vermakelijk kunnen zijn, ware het niet dat het om ons lichaam en onze levensverwachting gaat.
Wie het slagveld overziet, constateert dat er gelukkig nog enkele zekerheden zijn. Wat voedsel betreft, zijn dat groene groenten plus fruit. Dat zijn de enige voedingsmiddelen waarvan niemand betwist dat ze gezond zijn. Zekerheid nummer twee is dat roken behoorlijk ongezond is. Nummer drie dat lichaamsbeweging altijd goed is.
Het probleem is dat zelfs achter deze zekerheden de nodige onenigheid schuilgaat. Bijvoorbeeld over de vraag hoeveel groenten en fruit we dagelijks moeten eten. Die porties gaan bijna jaarlijks omhoog en hebben inmiddels knaagdierachtige proporties bereikt. Ook over lichaamsbeweging bestaan verschillende opvattingen. De ene deskundige zegt dat een halfuur de hond uitlaten per dag al mooi meegenomen is, een ander wil ons in een trainingspak hijsen en laten transpireren.
Ook roken is niet zo onomstreden als het lijkt. Uit diverse onderzoeken is gebleken dat nicotine een gunstig effect heeft op allerlei hersenfuncties. Wie ooit het op een uiterst serieus wetenschappelijk congres vertoonde filmpje heeft gezien van een jongen met de ziekte van Gilles de la Tourette - de jongen Scheldt aan de lopende band of blaft als een hond - en beseft welke wonderen een nicotinepleister in zo'n geval vermag, oordeelt milder over rokers. En degenen die dan nog twijfelen, zouden overtuigd moeten worden door het fascinerende experiment dat mensen die nog nooit hebben gerookt en nooit zullen gaan roken, allerlei intelligentietestjes beter uitvoeren met behulp van een nicotinepleister.
Natuurlijk zijn de schadelijke effecten van het roken vele malen groter dan de voordelen. Een op de zeven overlijdensgevallen is toe te schrijven aan roken. Maar de ogen sluiten voor de positieve effecten van roken, doet de waarheid geweld aan, behandelt rokers als halve garen en roept dus begrijpelijke irritaties op.
Zoals columnist en roker Anil Ramdas enkele weken geleden in NRC Handelsblad schreef: 'Mijn vijandschap gaat vooral uit naar mensen die weten wat goed voor me is.'

Vingertje
Hij heeft gelijk. Gezondheidsdeskundigen zouden hun toon moeten matigen. Niet altijd dat nare opgeheven vingertje, dat het uitzicht op de werkelijkheid belemmert. Al dat gepredik werkt vaak ook nog eens averechts, stelt Polker Pudel, hoogleraar en president van het Duitse Genootschap voor Voeding. 'Ik heb het idee dat de hele voedingsvoorlichting in de afgelopen veertig jaar slechts een ding heeft bereikt: de mensen eten nog steeds wat zij altijd hebben gegeten. Ze doen het nu alleen met een slecht geweten.'
Bovendien weten al die 'mensen die weten wat goed voor u is' het helemaal niet zeker. Ze denken het. En soms hebben ze het mis. Het mooiste voorbeeld is vet. Twintig, dertig jaar lang is er door alle overheidsinstanties, door alle deskundigen, door de voedingsindustrie met zijn lightproducten en door de voorlichtingsbureaus de boodschap verkondigd dat vet het allerongezondste is dat een mens kan eten.
En wat horen we de afgelopen maanden in allerlei wetenschappelijke gremia, eerst fluisterend, maar tegenwoordig steeds luider: misschien hebben we ons met de verkettering van vet vergist.
Het begon een jaar of tien, twintig geleden al met het onderscheid tussen goed en slecht vet, tussen verzadigd en onverzadigd vet, tussen vis en vlees, boter en olijfolie. En de laatste tijd zijn er steeds meer serieuze voedingsdeskundigen die zeggen dat zelfs het slechte vet - de eieren met spek, de roomboter, de karbonaadjes en spareribs - wellicht als positief effect heeft dat het de honger beter stilt dan brood, rijst of pasta en daardoor misschien, heel misschien wel geschikter is om het lichaamsgewicht omlaag te brengen.
Noten zijn ook zo'n voorbeeld. Tien jaar geleden werd er nog tegen gewaarschuwd omdat er zo veel vet in zit, vandaag heten ze opeens weer hartstikke gezond. Maar daar staat tegenover dat wie veel pinda's eet, doorgaans ook meer zout consumeert. En dan zijn er weer andere deskundigen die vinden dat het gezien de mogelijke bloeddrukverhogende werking van zout verstandig is om voorzichtig te zijn met zoute pinda's. Gelukkig zijn er weer heel andere deskundigen die vinden dat ook zout de afgelopen decennia ten onrechte is verketterd.
Wie het nog weet, mag zijn vinger opsteken. En dan hebben we het gewoon over een paar aardnoten.

Hart
Veel ingewikkelder is het gesteld met hart- en vaatziekten. Die vormen in de westerse wereld doodsoorzaak nummer een. Er is in de tweede helft van de twintigste eeuw voor honderden miljoenen euro's wetenschappelijk onderzoek naar verricht. De halve wereld is ondervraagd over eetgewoonten, gedrag en karakter, en de andere helft is gemeten, geprikt en bevoeld. Daaruit is een enorme hoeveelheid kennis gekomen: over bloeddruk, cholesterol, triglyceriden, het voedingspatroon op Kreta, het verschil tussen tobbers en optimisten, over verzadigde en onverzadigde vetten.
Het heelal van het hart is echter alleen maar uitgedijd. De Framingham Heart-studie die in 1948 begon en decennialang een grote groep mensen volgde, heeft bijvoorbeeld niet minder dan tweehonderd risicofactoren voor een hartaanval aangemerkt.
Tweehonderd! Dat is absurd. Tweehonderd risicofactoren is potjeslatijn voor: we weten het niet.
Toch gaan we wel tot interventie, tot actie, over. Neem cholesterol. We weten dat cholesterol buitengewoon belangrijk is in het lichaam. Het is bijvoorbeeld de bouwsteen voor de geslachtshormonen: zonder cholesterol geen seks. Maar ook weten we dat te veel cholesterol een risicofactor is voor hart-en vaatziekten.
Dat inzicht is verengd tot een wereldwijde poging om de cholesterolspiegel in het bloed zo laag mogelijk te krijgen. Eerst onder de acht, toen onder de zeven, tegenwoordig onder de zes maar er gaan ook stemmen op die willen dat het nog lager wordt, vier of vijf. Een groot deel van de westerse wereld, miljoenen mensen, slikt nu dagelijks pillen om daarmee de cholesterolspiegel te verlagen. Het is tamelijk waarschijnlijk dat de voordelen van deze medicijnen - een kleinere kans op een hartaanval - groter zijn dan de nadelen (elk werkzaam medicijn heeft bijwerkingen), maar er zit ook een schijnzekerheid in.
Ongeveer de helft van de mensen die een hartaanval krijgt, heeft immers een goede cholesterolspiegel. De andere helft heeft een slechte cholesterolspiegel. De ene helft is een ietsiepietsie groter dan de andere helft, maar niet om van achterover te vallen. Toch slikken op basis van dat zeer kleine verschil miljoenen mensen dagelijks een geneesmiddel.

Dominee
Al die gezondheidsexperts en voorlichters zouden meer adviseur moeten worden en minder dominee. Dat is ook eerlijker. Twintig jaar geleden moest je rust houden bij tal van lichamelijke klachten, tegenwoordig moet je bewegen. Vroeger moest je vooral niet werken als je psychische problemen had, vandaag moet je vooral wel werken. Eieren waren gisteren gevaarlijk, vandaag gezond.
Het is vrij aannemelijk dat de huidige opvattingen kloppen, maar toch is vanuit filosofisch opzicht natuurlijk niet uitgesloten dat ook de huidige inzichten eens weer op de helling moeten.
Gezondheid is een mysterie, een ideaal, een nirwana. Wij allen streven ernaar, we tasten rond in een duister dat slechts her en der door kaarsjes wordt verlicht. Dit artikel beoogt zo'n kaarsje te zijn.


Dit artikel over gezondheid is gebaseerd op de wetenschappelijke literatuur van 2003 en 2005. Er is gebruik gemaakt van bladen als de New Scientist, Science, Nature en Scientific American.


-Gezondheid-

| Kijk uit voor de aardappel

Aardappel
Nederland is een land van aardappeleters, constateerde Vincent van Gogh al. Of dat in alle opzichten wel zo verstandig is, vraagt een van 's werelds meest gerenommeerde voedseldeskundigen zich af. Walter Willett is hoogleraar epidemiologie aan de Harvard School of Public Health in de Verenigde Staten. Onlangs hield hij een lezing waarin hij be-toogde dat de Food Pyramid (voedselpiramide - het Amerikaanse equivalent van onze Schijf van Vijf) op zijn kop moet.
Een van de voorbeelden die Willett aanhaalde, is de aardappel. Die is lang niet zo gezond als vaak wordt gedacht. Dat komt door het zetmeel dat in de aardappel zit. Willett behoort tot een groeiend legioen van deskundigen dat gelooft dat er een verschil is tussen 'snelle' en 'langzame' koolhydraten - zie Snel.
Hij denkt dat suiker en deze 'snelle' koolhydraten de kans op zowel hart- en vaatziekten als diabetes verhogen omdat ze in het bloed een snelle schommeling van bloedsuiker en het hormoon insuline veroorzaken. In dat opzicht is de aardappel zelfs nog slechter dan suiker, stelt Willett. Zoals hij vorig jaar in de Scientific American schreef: 'Het eten van een gekookte aardappel verhoogt de bloedsuikerspiegel nog meer dan het eten van dezelfde hoeveelheid calorieen aan suiker.' In zijn onderzoek heeft Willett een duidelijk verband gevonden tussen het eten van aardappelen en het ontstaan van zowel hart- en vaatziekten als suikerziekte.

Bron: Jaarvergadering American Association for the Advancement of Science, Seattle, 16 februari 2004


Ademen
Ademen is gevaarlijk. Wie meer ademt, krijgt meer zuurstof binnen. Dat blijkt ook uit het onderzoek naar slaap. Hoe groter een dier, hoe minder slaap. Olifanten, giraffes en mensen hebben aanzienlijk minder slaap nodig dan kleine dieren zoals ratten en katten. Een olifant heeft drie uur slaap nodig, een mens acht uur, een hond tien uur, een kat twaalfenhalf uur, een opossum zelfs achttien uur.
De vermoedelijke verklaring is dat naarmate een dier groter en zwaarder is, de stofwisselingssnelheid lager wordt. Daardoor ontstaat minder zuurstofschade: bij snel ademen ontstaan zogenoemde radicalen die in chemisch opzicht heel agressief zijn en dus overal in het lichaam schade kunnen aanrichten. Die schade wordt doorgaans gedurende de slaap hersteld en dus hebben snel ademende kleine dieren meer slaap nodig, aldus Jerome Siegel, hoogleraar psychiatrie aan de universiteit van Californie" in Los Angeles. Of zware mensen ook minder slaap nodig hebben dan lichte, vermeldt hij niet.

Bron: Scientific American, november2003


Appel

An apple a day keeps the doctor away! Nou, dat is de vraag. Natuurlijk, nog steeds behoren groenten en fruit (plus vis en noten) tot de gezondste voedingsmiddelen. We eten er ook absoluut te weinig van. Er is echter wel een kanttekening bij te maken.
Groenten en fruit zijn in de afgelopen decennia steeds minder gezond geworden. Dat komt doordat kwekers en veredelaars rekening houden met de voorkeur voor zoet en de afkeer van bitter - zie Bitter. Veel bitter dan wel scherp smakende bestanddelen zijn door selectie uit groenten en fruit verdwenen. Daardoor is de hoeveelheid suiker in appels en peren de afgelopen zestig jaar verdubbeld, zo meldt de National Health Service in Groot-Brittannie. De Britse onderzoeker David Thomas onderzocht 64 verschillende soorten groenten en fruit en concludeerde dat de gezonde bestanddelen - mineralen als ijzer, magnesium, kalium en koper -waren afgenomen en suiker was toegenomen. Volgens Thomas zijn vers fruit en verse groenten nog steeds aanzienlijk beter dan ingeblikt voedsel, maar de kloof wordt kleiner.


Atkins
Het dieet van de vorig jaar overleden dr. Robert Atkins staat weer midden in de belangstelling. Op papier oogt het aantrekkelijk: afvallen door het eten van meer vet en eiwit (en het mijden van koolhydraten als suiker en zetmeel). De grote vraag is of het inderdaad beter werkt dan andere dieten en of het gezond is. Vorig jaar waren er twee studies die dit suggereerden. Die onderzoekingen waren echter niet omvangrijk en dus niet hard genoeg. Binnen een jaar moet een en ander duidelijker worden. Een groep artsen van de universiteit van Pennsylvania is met een veel grotere studie bezig, waarvan de resultaten in 2005 worden verwacht.
Desalniettemin hebben die twee studies wel tot gevolg gehad dat het Nederlandse Voedingscentrum, dat altijd heel negatief was over Atkins, overstag is. Woordvoerster Patricia Schutte zei kort geleden in het weekblad HP/De Tijd: 'Er is nieuw onderzoek gedaan waaruit Week dat het gewichtsverlies door het Atkinsdieet ook leidde tot een lager cholesterolgehalte. De verwachting was dat het cholesterolniveau juist zou stijgen omdat het dieet veel verzadigde vetten bevat, maar het daalde.'


Bedplassen
Er is een bizarre relatie tussen bedplassen en ademhalingsproblemen. Veel bedplassende jongetjes stoppen met die vervelende en voor henzelf beschamende gewoonte als hun amandelen geknipt of verwijderd zijn, zo blijkt uit Zweeds en Australisch onderzoek. Een mogelijke verklaring is dat kinderen met opgezette amandelen tijdens de slaap moeilijker ademhalen. Dit kan druk in de buik veroorzaken. Een alternatieve verklaring is dat er aldus te weinig zuurstof in het bloed terechtkomt waardoor bepaalde hormonen worden beinvloed.

Bron: New Scientist, 2 augustus 2003


Bezwangeren

Hoe rijper de man, hoe slomer de zaadcel. Een onderzoekbij ruim tweeduizend zwangere Britse vrouwen wees uit dat vrouwen met partners van boven de 45 jaar er vijfmaal zo lang over deden om zwanger te worden dan zij die nog heel jonge mannen (beneden de 20) hadden.

Bron: Fertility and Sterility


¦ Wees op uw hoede voor het keukensponsje

 

Bitter
Kinderen die geen spruiten, spinazie, kool of paprika lusten? Komt allemaal door de evolutie. Althans volgens de Britse onderzoekster Lucy Cooke. Ze heeft ruim vijfhonderd enqueteformulieren aan ouders toegestuurd en trok daaruit de conclusie dat kinderen rond hun tweede verjaardag opeens een weerzin tegen sommige groene groenten ontwikkelen. Dat hebben ze niet met patat, snoep en chips.
Volgens Cooke heeft de mens door vallen en opstaan geleerd dat hij met planten moet uitkijken. Sommige planten zijn goed eetbaar, maar in andere kunnen gemene gifstoffen zitten. In de loop van tienduizenden jaren zijn onze voorouders erachter gekomen dat de giftige planten doorgaans bitterder smaken dan de smakelijke planten en die achterdocht zit inmiddels in de genen verankerd. Omdat de gevoeligheid van kinderen voor vergiftiging veel groter is dan van volwassenen zijn ze bevreesd voor bittere smaken. Het is dus geen gezeur, ze zijn zo gepro-grammeerd.

Bron: Science, 24 oktober 2003


Boter
Het kan wel, gezonde roomboter. In Noord-Ierland is een boter te koop waarin veel minder verzadigd vet zit en die ook nog eens zacht blijft in de koelkast. De onderzoeker van de universiteit van Belfast die het idee ontwikkelde, gaf de koeien in hun voer zaadjes van koolzaad.

Bron: Journal of the Science of Food and Agriculture


Cholesterol
Bij een hoog cholesterolgehalte is er risico op een hartaanval of hersenbloeding. En dus slikken honderdduizenden Nederlanders bloeddruk- en cholesterolverlagers (de zogenaamde statines). De meeste cardiologen zijn het erover eens dat dit levens bespaart, ook al hebben vooral de genoemde cholesterolverlagers soms ook nare bijwerkingen.
Ingewikkeld is wel dat de meeste mensen die een hartaanval dan wel een hersenbloeding krijgen een normale bloeddruk en cholesterolspiegel hebben. Het verlagen van cholesterol of bloeddruk kan dus een gevoel van schijnveiligheid oproepen. Het vermindert de kansen op een hartaanval met ongeveer een-derde. Voor de volksgezondheid is dat mooi - vermoedelijk worden er honderdduizenden hartaanvallen mee bespaard -, maar dat hoeft niet te betekenen dat het voor de individuele gezondheid ook goed is.
De waarheid is dat medici nog maar buitengewoon weinig begrijpen van hart- en vaatziekten. Het is niet voor niets dat een hoge cholesterolspiegel maar een van de ongeveer tweehonderd risicofactoren voor een hartaanval is.
Het is ook een misvatting dat cholesterol ongezond zou zijn. Het lichaam heeft cholesterol zo hard nodig dat het het zelf aanmaakt. Omdat zuigelingen nog niet in staat zijn zelf cholesterol te produceren, zit moeder-melk er bij voorbeeld vol mee. De geslachtshormonen worden uit cholesterol gemaakt, in de her-senen zit 10 tot 20 procent cholesterol, in een (gezond) hart on-geveer 10 procent, de bijnieren bestaan zelfs voor de helft uit cholesterol.

Bronnen: New Scientist, 5 juli 2003. Udo Poilmer, Susanne Warmuth: Lexicon van Wijdverbreide Misverstanden over Voedsel, Bert Bakker, 2003


Dansen
Wie uit zijn dak gaat, kan dat beter op parket doen dan op tapijt. Andrea Ferro van de Clarkson Universiteit in Potsdam (in de Amerikaanse staat New York) ontdekte dat dansen op tapijt per minuut evenveel stof in de lucht brengt als het roken van een halve sigaret. Dezelfde bewegingen produceren op parket in verhouding maar 10 procent opwaaiend stof.

Bron: New Scientist, 20 maart 2004


Dik
Zwaarlijvige mensen hebben een tweemaal zo grote kans op dikke-darm- en borstkanker. Ook verhoogt obesitas de kans op artritis, suikerziekte en longziekten. Verder zijn dikkerds vaker depressief, hebben doorgaans een lager inkomen, scheiden meer dan slanke mensen en plegen vaker zelfmoord.

Bron: New Scientist, 9 augustus 2003


Dronken
Er zijn nieuwe alcoholtests op komst, die ook geruime tijd na een verkeersongeval nog kunnen worden gebruikt. Bij de afbraak van alcohol ontstaan in het lichaam diverse unieke stoffen zoals ethylglucuronide en phosphatidyl-ethanol. Deze afbraakproducten van alcohol zijn ook enkele dagen tot weken nog in de urine dan wel het bloed aan te tonen. Hoe het dan in zijn were gaat om de concentraties exact (lees: voor de rechter overtuigend) terug te rekenen tot het moment van het verkeersongeval, is nog niet duidelijk.

Bron: New Scientist, 14 februari 2004

meer (deel 2)

 

 
klik hier voor een navigatievenster
 
 
 
 
een plezand stuk van Simon Rozendaal
Voedingswaardentabel
 


klik hier voor een navigatievenster

 
klik hier voor een navigatievenster
 


klik hier voor een navigatievenster

 


klik hier voor een navigatievenster